Herinneringen aan Peer door Patricia Boot
Onderstaande tekst is tijdens de ceremonie voor gedragen door Patricia Boot.

Hoe ist nou????? Peer, deze standaard-begroeting van jou liet me de laatste dagen niet meer los.

Toen ik door Bert gebeld werd afgelopen donderdagochtend met het ongelooflijke nieuws dat je was overleden, ging ik zitten op mijn bed en riep hardop: Peer, wat doe je nou??? Ongeloof, verdriet en verslagenheid volgden de daarop volgende dagen. Ik had je juist voor die middag weer willen bellen om te touren op je nieuwe Triumph. Twee weken geleden hadden we dat ook gedaan, het was zo’n beetje een vaste afspraak geworden dat we elkaar om de twee a  drie weken op donderdag zagen en een stukje gingen  rijden en wat drinken.

Die laatste donderdag dat ik jou zag, 3 september jl., kwam je glimmend van trots mijn flat binnen, ik wist wel waarom, onderaan die flat stond jouw  nieuwste aanwinst te wachten waarvan je me al een foto had gestuurd. We hadden elkaar lange tijd niet gezien, de zomervakantie en verjaardagen van de kinderen hadden er voor gezorgd dat het 20 juni  jl. was dat we samen met mijn kinderen, Marit en Silke en en jouw dochter Cindy naar de Efteling waren geweest. 

Wat zag je er goed uit. Afgevallen en een blije blik. Een bak koffie en 1 blikje bier, (ja niet meer kreeg je er van me, je vond me maar streng) We hadden dikke pret over een kadootje wat ik voor me zelf had in laten pakken. Je vergeleek met met Mr Bean die zichzelf kaarten stuurde en zond me een paar dagen later het betreffende stukje film toe en ik, digibeet, kreeg hem helaas tot op de dag van vandaag niet geopend  maar vanaf die tijd smste ik jou met als afzender Mrs. Bean. Je vertelde enthousiast over je kampeervakantie met Cindy en je had mijn raad opgevolgd een vriendinnetje voor haar mee te vragen wat helemaal leuk was geweest.

Toen naar beneden, richting motor. Zoals altijd bezorgd of ik een warme jas aan had en dichte schoenen. De buren op de galerij kenden hem al, Peer komt de buurvrouw weer halen voor een ritje en keken ons na. Voordat ik op mocht stappen moest ie alom bewonderd worden en dat deed ik ook, als een kind zo blij was je. Peer zette zich schrap, beide benen op de grond en zijn proestende lach kwam weer te voorschijn want ik moest weer achterop zien te komen, iets wat niet altijd even makkelijk ging. Ik kón hem dan wel wat, ja, de motor had het zwaar te verduren met mij achterop.

 We reden samen weg bij de flat en ik voelde de power, wat een verschil met zijn oude motor! Ik sloeg zoals altijd mijn indianenkreet , hij gaf nog wat extra gas, samen op weg naar het Pannenland in Vogelenzang.  Ik genoot en riep een paar keer door de harde wind heen dat ie geweldig reed. Een blije blik achterom, mijn handen op die ruwe zwarte jas. Vlakbij camping Vogelenzang stopte je bij een paadje wat door het weiland liep richting de kerk en je vertelde een anecdote over jou en Willem en je had de grootste lol hierom. Ja, het was me duidelijk, jij en Willem hadden een hoop kattenkwaad uitgehaald.

 Tijdens het eten van een kop soep  kwamen de gesprekken weer los. Over Cindy (als zij gelukkig is, ben ik het ook), je werk (ik heb de mooiste baan  van heel de wereld )en je motor (lekker fietsie he).Maar ook bleek telkens weer hoe moeilijk je het had met het feit dat je gezin uiteengevallen was, iets wat ik met hem kon delen, ik had hetzelfde meegemaakt. Ik voelde weer zijn eenzaamheid,  en zei alleen: Peertje, niet  zoeken naar de liefde, de liefde vindt jou wel….Een schamper  lachje volgde dan steevast.

We hadden niet veel tijd die middag, hij wilde om 8 uur in het motorhok zijn en ik had ook een afspraak.  De lucht was donkerblauw aan het worden, het was bijna 19.00 uur. Hij had me net verteld dat Cindy met haar moeder binnen afzienbare tijd naar De Zilk zou verhuizen  en vroeg of ik het leuk vond om het huis te zien. Tuurlijk. Achterop, een donkere lucht, geen regenpak en ik zei: Peertje, dit  gaat hem niet worden  maar hij zei dat we het wel droog zouden houden.

In de Zilk, vlakbij de snackbar,  begon hij langzamer te rijden en tuurden zijn ogen de weg af. Zijn gekromde vinger wees een rij huizen aan en hij riep: daar, nee daar, daar gaat ze wonen! En hij riep over zijn schouder: als Cindy gelukkig is, ben ik het ook! Ik kneep hem in zijn zij,  weer had hij me met zijn positieve levensinstelling geraakt.

De lucht werd bijna zwart , de toren van de Agathakerk stak duidelijk af tegen de donkere hemel en het begon keihard te regenen. Zie je wel, ik had toch gelijk, schreeuwde ik, een grijns achterom volgde. Bij de Keukenhof werd het ineens hagel!! K riep : begin september, hoe is dit mogelijk! Hij kreeg de volle laag, ik verschool me achter zijn rug en voelde me een beetje schuldig . Hij reed direct naar zijn huis, mijn spijkerbroek doorweekt en ik moest dat poortje bij hem zien te openen in die stortbui om de motor achterom te krijgen. Hij liet me zijn pas getimmerde afdak zien waar de nieuwe motor onder kwam te staan en ik bewonderde zijn handigheid.

We liepen door zijn huis naar voren, ik wist toen niet dat het de laatste keer voor mij zou zijn. Die gekke witte kat, zijn oranje rolgordijntje wat vanzelf omlaag ging, zijn rommelige computertafeltje bij het raam. Als een echte gentleman bracht hij me met zijn grijze renaultje, terug naar de flat. Hij twijfelde nog of hij zou gaan naar het motorhok want hij wilde fietsen en het was zo’n rotweer. Ik weet ook niet of hij is geweest. Ik heb m de volgende dag nog een sms gestuurd, bedankt voor de leuke middag en wat een gave motor en ik kreeg er 1 terug : ja, lekker fietsie,  doen we nog een keer over!

Dit was mijn laatste middag met Peer. Peer, die ik weer had leren kennen een jaar ge leden, na elkaar 25 jaar niet gezien te hebben bij de volleybaltraining van onze dochters. We hadden raakvlakken, Hillegom, de Kleine Beurs, onze privé-situatie die hetzelfde was en onze zoektocht hierin hiermee om te kunnen gaan.We deden leuke dingen samen, ook met de kinderen, Naturalis, , Leiden naar de film, pizza eten bij La Fontana, gourmetten bij jou thuis. En als ik weer naar het kerfhof ging in Hillegom, waar mijn vader begraven ligt, liep ik ook altijd even langs de zijne. De laatste keer  vroeg hij me nog of ik had gezien wat Cindy voor haar opa had gemaakt. Soms zat hij me op te wachten in het Spaarne Ziekenhuis waar ik werk op woensdagochtend  en hij weer  de liften die ochtend in onderhoud had en we snel een bak koffie dronken in de hal.

Peer, ik zal je ontzettend missen, je was een vriend van me geworden, een man van weinig woorden maar die meer begreep als dat je dacht en verrassend uit de hoek kon komen, die me steunde en adviezen gaf. Je grenzeloze liefde voor Cindy, je gevoeligheid , positieve levenshouding en trouwheid maakten je voor mij speciaal. Een echte ruwe bolster, blanke pit. Van jou heb ik geleerd dat je moet doen waar je blij en gelukkig van wordt en risico’s moet durven nemen, het  op zéker spelen los moet durven laten.

Ik was net op weg hiermee. Peer, ik weet zeker, onze wegen zullen ooit weer samen komen en ik hoop dat jij me dan weer zal begroeten met je :Hoest nou????? En dat ik je dan kan vertellen dat ik echt gedaan heb wat ik graag wilde doen met mijn leven.  Dank je lieve Peer, dat je helaas maar voor nog geen jaar, een vriend van me mocht zijn.